Deel 3
Twee jaar later was het ziekenhuis niet langer een plek waar Joanna alleen maar herinneringen aan pijn had.
Het was een plek geworden waar ze soms terugkwam met haar zoon aan haar hand.
Niet als patiënt.
Maar als iemand die langzaam haar leven opnieuw had opgebouwd.
De kleine jongen rende inmiddels zelfstandig door de gangen van het park en hield alles vast wat hij kon bereiken: bladeren, speelgoedautootjes, en soms zelfs de hand van zijn vader.
Logan.
Hij was niet langer de man die wegvluchtte.
Maar hij was ook nog niet de man die hij wilde worden.
Hij was ergens daartussenin.
En Joanna wist dat dat precies was waar echte verandering begon.
Op een ochtend kreeg Joanna een telefoontje.
Het was Robert Wright.
Zijn stem klonk anders dan normaal.
Serieuzer.
“Joanna, ik moet u iets vertellen.”
“Is er iets mis?” vroeg ze meteen, terwijl ze haar zoon in de gaten hield die op de grond met blokken speelde.
“Niet medisch,” zei hij. “Maar wel belangrijk.”
Hij aarzelde even.
“Logan heeft mij gevraagd om u te spreken. Hij wil een beslissing nemen over zijn positie in het bedrijf van mijn familie.”
Joanna fronste.
“Waarom komt hij daarvoor bij u?”
“Omdat hij bang is dat hij opnieuw de verkeerde keuzes maakt.”
Die woorden bleven hangen.
Diezelfde avond kwam Logan langs….