Miriam knikte.
“Het bedrijf is pas acht maanden geleden opgericht.”
Jonathan keek haar aan.
“Door wie?”
“Dat moeten we uitzoeken.”
Een uur later kwam Victoria de kamer binnen.
Ze droeg een lichte jas en een glimlach die perfect paste bij haar rol als bezorgde echtgenote.
“Hoe voel je je?”
“Beter.”
Ze keek verrast.
“Beter?”
“De artsen zijn optimistischer.”
Victoria’s gezicht ontspande niet.
“Dat is fijn.”
Jonathan glimlachte.
“Heb je Raymond gesproken?”
Haar ogen veranderden onmiddellijk.
Heel even.
Maar Jonathan zag het.
“Wie?”
“Raymond.”
Victoria lachte.
“Ik weet niet waar je het over hebt.”
“Dat is jammer.”
Miriam stond op.
“Mevrouw Mercer, ik heb enkele vragen over bepaalde transacties.”
Victoria keek haar aan.
“Welke transacties?”
“Dat bespreken we later.”
Jonathan keek naar zijn vrouw.
“Je hoeft je geen zorgen te maken.”
Ze glimlachte.
“Dat doe ik ook niet.”
Maar toen ze de kamer verliet, veranderde haar uitdrukking volledig.
Buiten de kamer belde ze iemand.
“Hij weet iets.”
Aan de andere kant bleef het even stil.
Toen antwoordde een mannenstem:
“Hoeveel?”
“Ik weet het niet.”
“Dan moet je zorgen dat hij niets meer kan veranderen.”
Victoria verbrak de verbinding.
Ze wist niet dat een beveiligingsmedewerker in de gang haar gesprek had gehoord.
De medewerker meldde het later aan Miriam.
Jonathan hoorde het nieuws die avond.
“Dat is genoeg,” zei Miriam.
“Wat gaan we doen?”
“Niet confronteren. We verzamelen eerst bewijs.”
De volgende dag kwam er een forensisch accountant bij.
Hij onderzocht de bedrijfsrekeningen en ontdekte dat meerdere bedragen waren overgemaakt naar bedrijven die indirect verbonden waren met Raymond Hale.
Jonathan kende die naam.
Raymond was een voormalige adviseur van zijn bedrijf.
Hij was twee jaar geleden ontslagen wegens financiële onregelmatigheden.
“Dus hij is Victoria’s minnaar?”
“Dat lijkt erop,” zei Miriam. “Maar we hebben meer bewijs nodig.”
Jonathan keek naar de documenten.
“En de medische kant?”
De artsen hadden inmiddels een tweede specialist geraadpleegd.
Tot ieders verbazing was Jonathan stabieler dan verwacht.
De eerste prognose van vijf dagen bleek gebaseerd op zijn toestand van dat moment.
Zijn lichaam reageerde onverwacht goed op de behandeling.
De arts vertelde hem dat het te vroeg was om iets te voorspellen.
“U moet nog steeds voorzichtig zijn,” zei hij. “Maar we hebben nu meer opties.”
Jonathan knikte.
Voor het eerst in dagen voelde hij hoop.
Niet alleen voor zichzelf.
Ook voor Chloe.
Hij liet Miriam contact opnemen met een stichting die gespecialiseerd was in medische hulp voor kinderen met zeldzame hartproblemen.
Hij wilde Lucas helpen zonder dat de jongen zich verplicht zou voelen.
“Regel het via een onafhankelijk fonds,” zei Jonathan. “Lucas mag nooit denken dat hij mij iets verschuldigd is.”
Miriam glimlachte.
“Dat is verstandig.”
Twee dagen later kwam er een nieuwe verrassing.
De forensische accountant vond een e-mail waarin Victoria en Raymond spraken over Jonathans vermogen.
De berichten bewezen nog niet dat ze een misdrijf hadden gepleegd.
Maar ze lieten wel zien dat ze plannen maakten voor het leven na Jonathans overlijden.
Eén zin trok meteen de aandacht:
**“Zodra hij niets meer kan wijzigen, gaat alles naar plan.”**
Miriam keek naar Jonathan.
“Dit moeten we bewaren.”
Jonathan knikte.
“Doe dat.”
Die avond kwam Victoria opnieuw binnen.
Ze liep naar het bed en pakte zijn hand.
“Mijn lieve Jonathan.”
Hij keek haar aan.
“Ik hou van je,” zei ze.
Jonathan glimlachte zacht.
“Dat weet ik.”
Victoria boog zich voorover.
Ze wist niet dat de camera in de kamer inmiddels onderdeel was van een officieel onderzoek.
Ze wist niet dat haar gesprekken werden vastgelegd volgens de geldende procedures.
En ze wist al helemaal niet dat Jonathan niet langer bezig was met de vraag hoe hij haar kon straffen.
Hij wilde alleen voorkomen dat iemand anders slachtoffer werd van haar plannen.
De volgende ochtend vroeg Miriam hem om het nieuwe testament te ondertekenen.
Jonathan las het zorgvuldig.
Zijn vermogen zou niet rechtstreeks naar één persoon gaan.
Een deel ging naar zijn familie.
Een deel werd ondergebracht in een onafhankelijke stichting voor medische zorg.
En een deel werd gereserveerd voor werknemers van zijn bedrijf die financiële problemen hadden.
Victoria zou niets automatisch erven buiten wat wettelijk en contractueel niet anders kon worden geregeld.
Toen Jonathan de laatste handtekening zette, keek hij naar Miriam.
“Nu weet ik tenminste dat mijn geld iets goeds kan doen.”
Maar precies op dat moment kreeg Miriam een telefoontje.
Haar gezicht werd ernstig.
“Jonathan, we hebben een probleem.”
“Wat?”
“Raymond is onderweg naar het ziekenhuis.”
Jonathan fronste.
“Waarom?”
Miriam keek naar de deur.
“Hij heeft zich zojuist gemeld bij de beveiliging.”
“En hij zegt dat hij jouw zaken moet bespreken.”
Jonathan keek naar de gang.
“Laat hem binnen.”
Miriam schudde haar hoofd.
“Dat zou ik niet doen.”
Jonathan glimlachte.
“Waarom niet?”
“Omdat hij niet alleen is.”
De kamer werd stil.
Jonathan keek naar Lucas.
Toen naar Miriam.
“Wie is er bij hem?”
Miriam antwoordde zacht:
“Victoria.”