Het was David.
“Heb jij iets gevonden in papa’s spullen?” vroeg hij zonder begroeting.
Emma aarzelde.
“Waarom vraag je dat?”
“Omdat er een map ontbreekt.”
“Welke map?”
“Dat weet jij heel goed.”
Emma voelde dat haar hart sneller begon te kloppen.
Ze besloot niets over de brief te zeggen.
Diezelfde avond reed ze naar het adres dat in de brief stond.
Het bleek een verlaten boerderij te zijn.
Hoewel het gebouw oud was, zag het terrein er opvallend goed onderhouden uit.
Een oudere man kwam naar buiten.
“Kan ik u helpen?” vroeg hij vriendelijk.
Emma stelde zich voor.
Toen hij haar achternaam hoorde, glimlachte hij.
“Ik heb je vader jaren gekend.”
Hij nodigde haar uit voor een kop koffie.
Tijdens het gesprek vertelde hij dat haar vader regelmatig langskwam.
Niet om zaken te doen.
Maar om mensen te helpen.
Hij betaalde soms rekeningen van gezinnen die het moeilijk hadden.
Hij financierde schoolboeken voor kinderen.
En hij vroeg nooit iets terug.
Emma voelde tranen opkomen.
Dat had ze nooit geweten.
Voordat ze vertrok, gaf de man haar een kleine sleutel.
“Je vader zei dat jij op een dag zou komen.”
“Waar is deze voor?”
“De oude schuur.”
Emma liep erheen.
Achter in de schuur stond een metalen kast.
De sleutel paste precies.
Binnenin lagen ordners, oude contracten en tientallen brieven.
Maar één document trok meteen haar aandacht.
Het was een lijst met namen.
Naast elke naam stond een bedrag.
Niet wat mensen haar vader schuldig waren.
Maar wat hij aan anderen had gegeven.
Helemaal onderaan stond ook de naam van David…..